ontmoeten

Dari Wiktionary bahasa Indonesia, kamus bebas
Loncat ke navigasi Loncat ke pencarian

bahasa Belanda[sunting]

Verba[sunting]

ontmoeten

  1. bertemu.

Konjugasi[sunting]

Infinitif: ontmoeten
Bentuk kini Bentuk lampau
Tunggal Jamak Tunggal Jamak
ik ontmoet wij ontmoeten ik ontmoette wij ontmoetten
jij ontmoet jullie ontmoeten jij ontmoette jullie ontmoetten
hij/zij ontmoet zij ontmoeten hij/zij ontmoette zij ontmoetten
Partisip kini [kata kerja bantu) Partisip lampau Imperatif Subjungtif
ontmoetend (hebben) ontmoet ontmoet ontmoete