opstaan

Dari Wiktionary bahasa Indonesia, kamus bebas
Lompat ke: navigasi, cari

bahasa Belanda[sunting]

Verba[sunting]

opstaan

  1. berdiri.
  2. bangun.

Konjugasi[sunting]

Infinitive: opstaan
Bentuk kini Bentuk lampau
Tunggal Jamak Tunggal Jamak
ik sta op wij staan op ik stond op wij stonden op
jij staat op jullie staan op jij stond op jullie stonden op
hij/zij staat op zij staan op hij/zij stond op zij stonden op
Partisip kini (Kata bantu) Partisip lampau Imperatif Subjungtif
opstaand (zijn) opgestaan sta op sta op